tai-jutsu en shotokan karate België

Onze Clubs

01

Five Elements Shaolin Kempo


SHAOLIN KEMPO, ook wel bekend als SHAOLIN SSU CH"UAN FA, SIU LUM QUANFA, SHORINJI KEMPO, lege vuistvechten, Chinees boksen of chinees tempelboksen, is een oude krijgskunst die beoefend werd in het Shaolinklooster in de provincie HONAN in China. Deze kunst werd door de monnik Boddhi Dharma ontwikkeld in de vijfde eeuw na Christus en werd in het begin alleen aan monniken onderwezen. Eerst betrof dit een geheel aan bewegingen die dienden om de lichamelijke gezondheid op peil te houden. Later werd dit een georganiseerd vechtsysteem ter verdediging van het klooster en de medemens. Ten gevolge van de vele oorlogen in China en de grote inzet van de monniken met uitzonderlijke successen, werden na verloop van tijd ook niet-kloosterlingen ingewijd in deze verdedigingskunst.

02

Hideakun Dojo


Kara-te betekent 'lege hand'. Vrij vertaald betreft het de 'kunst van het vechten zonder wapens', gebruik makend van delen van het lichaam die als wapen kunnen fungeren, zoals b.v. de vuist, elleboog, knie, been, voet enz, ... .
De oorsprong van het ongewapend vechten in Zuid-Oost Azië situeert zich voor onze tijdrekening in het huidige Indië. De rondtrekkende Zenboeddhistische priesters dienden zich tegen struikrovers te verdedigen en observeerden hiervoor de aanvals- en verdedigingsbewegingen van dieren. Omstreeks 500 na Christus trekt Bodhidarma (Daruma) naar de provincie Henan in het huidige China waar hij in de Shaolin tempel zijn kennis ter beschikking stelde van de monniken. Deze gevechtskunst staat bekend onder de naam Kempo.

03

Kai-jitsu Ryū


Kobudō (Japans: 古武道, Kobudō) is een verzamelnaam voor de modernere (na ca. 1900) vormen van de klassieke Japanse krijgskunst van het eiland Okinawa. In tegenstelling tot wat algemeen gedacht wordt, zijn kobudō wapens niet afgeleid van boerderijgereedschappen.

Boeren hadden niet de tijd of de energie om zich te verdiepen in het gebruik van gereedschap voor de vechtsport. Verder zou een burger met dit soort gereedschap niet veel kunnen uithalen tegen een getraind professioneel strijder met echte wapens. Kobudo is gevormd door doordachte technieken die voortkwamen binnen de adel, en technieken overgenomen uit China.

Enkele voorbeelden van kobudō wapens zijn :

- de bō : 183 cm lange stok.
- de sai : kleine drietand waarvan de middelste "tand" beduidend langer is dan de twee andere.
- de nunchaku/ssang yjel bong : twee stokken die door middel van ketting aan elkaar verbonden zijn.
- de kama : zeisvormig houten wapen.
- de tonfa : 45 cm lange stok (lijkt een beetje op een politiestok)
- hanbō : stok, ongeveer evenlang als een katana, maar dan van hout, zonder "zwaardvormen"
- katana : zwaard
- tanbō : kleine 45 cm lange stok, lijkt een beetje op een verkorte bō.

04

Karate Zanshin 


Binnen onze karateschool beoefenen wij het Ryushinkan Koryu Karate Jitsu Jissen Ryu.

Het Ryushinkan bevat stijl-eigen elementen zoals de ‘cho uke’, ofwel vlinderafweer; technieken die je niet zal terugvinden in andere stijlen zoals Goju, Shotokan of Kyokushinkan.

Verder zijn we weggestapt van het stijve, sport-gerichte karate-do en richten we ons op het karate jitsu, waarin vloeiendheid van bewegingen voorop staan en ook val-, klem- en werptechnieken aan bod komen. Met Jissen Ryu, ‘old-style karate’ gaan we terug naar de essentie van de krijgskunst, met als doel bescherming te kunnen bieden aan dierbaren en naasten. Dus bij ons geen competitie, maar wel een familiale aanpak waarbij we proberen iedereen op te leiden in deze edele krijgskunst via een geijkt programma .

05

Meijin Ryū


Het belangrijkste is Tao of Do, de weg, nederigheid, respect, discipline en verbetering van ingesteldheid en karakter, met de bedoeling om de Karateka naar een hoger niveau te tillen en zijn blik te verruimen.

De stijlen herenigen, het ruilen van kennis tussen verschillende gevechtskunsten met als doel een zeer diep doorgedreven Karatestijl die zich door technieken uit verschillende Budo aanvult tot een completere kunst van lichaam & geest.

Het is niet de zoveelste 'complete' Martial Art, maar de terugkeer naar het traditionele Okinawa Karate in een veel ruimere context met een modern sausje. Onze stijl is erkend door IMAF, BLOSO, WKF, etc.

06

Ronin Dojo


Wat is karate?

Dat is een van de moeilijkste vragen om in enkele zinnen uit te leggen. Daarom moet iedere  
karateka van deze martiale kunst deze vraag zelf beantwoorden.
Wat we wel kunnen vertellens is. Eenmaal je de stap zet en begint met Karate, kom je snel tot de vaststelling dat het meer is dan een hobby. Het wordt een levensstijl. Je lichaam en geest krijgt vorm terwijl je zelf groeit en evolueert. Al deze zaken zijn de basis die je terugvindt in de kata (vormoefeningen). 
Karate is een persoonlijke lichamelijke ontplooiing. Jouw lichaam geeft vorm aan technieken en oefeningen die reeds honderden jaren bestaan. Jouw fysieke en mentale weerbaarheid worden sterker. Je krijgt meer discipline en doorzettingsvermogen, die op zijn beurt zorgen voor meer zelfvertrouwen. Na jaren trainen, evolueert de kennis naar zelfverdediging. Dit alles zorgt voor een veiliger gevoel voor jezelf en naasten. 
De leeftijd waarop je uw budo (weg van de krijger) start is niet zo zeer van belang. Je inzet en motivatie is je grootste troef.

07

Shaolin Dojo


Karate Jitsu is een Martiale Krijgskunst die op doeltreffende wijze het Karate aanvult ongeacht welke stijl beoefend wordt met toevoeging van verdedigings technieken die ontsproten zijn uit de stijlen van het Goshin-Jitsu: beenvegen, ontwijkingen, overrompelingen, worpen, klemmen en diens meer. De technieken van het Karatre-Jitsu worden toegepast op een tegenstrever die jou aanvalt met trap-, vuist-, of met een wapen, of die jou vastgrijpt op één of andere manier : op al deze vormen van agressie zijn een waaier aan aangepaste verdedigingstechnieken voorzien. Er worden geen brutale worpen noch acrobatische traptechnieken uitgevoerd , noch brutale krachten gebruikt : enkel de volgende regel is van toepassing : EENVOUD en DOELTREFFENDHEID. Karate Jitsu is een Martiale Kunst die meer leven en vreugde geeft en is tevens een manier van zelfverdediging die men zeer lang kan beoefenen zonder traumatische gevolgen.

Het is ook fijn vast te stellen dat onze technieken van Karate Jitsu terug te vinden zijn in heldhaftige series met o.m. Chuck Norris, Lorenzo Lamas, Steve Seagal en andere helden van het witte doek... het beste bewijs dat niet is uitgevonden.

 

08

Shinshin Toitsu Aikido


Aikidō (合気道), "de weg van het samenkomen met Ki" is een Japanse krijgsdiscipline (zie onder) met een sterk filosofische inslag, die in het begin van de 20ste eeuw door Morihei Ueshiba ontwikkeld werd. Ueshiba, door aikidoka's O'Sensei (de grote meester) genoemd, liet zich hierbij inspireren door de technieken van de Japanse samoerai en krijgskunsten en/of vechtsporten als Daito ryu jiu jitsu, jiujitsu en kenjutsu. Ueshiba voegde ook een morele waarde toe aan de kunst van aikido, die ontleend werd aan de toen nieuwe Japanse religie Omoto-kyo.

Het Japanse woord aikido kan opgedeeld worden in drie aparte termen. Ai is Japans voor "liefde" of "harmonie". Ki heeft meerdere betekenissen, waaronder: "energie". Do tot slot, betekent: "weg" als in levensweg of morele methode. Het woord Do geeft een tintje van de krijgskunst; het geeft aan dat het uiteindelijke doel is, zoals onder andere ook in Kendo of Judo.

 

09

Sora Sen


Het Japanse karate dō is pas aan het begin van deze eeuw ontstaan. Daarvoor heeft het zich eerst in Okinawa ontwikkeld, dit gebied dat vroeger het Koninkrijk van de Rioekioe heette.
Er zijn twee periodes geweest, die een zgn. wapenverbod kenden. Het eerste ongeveer 500 jaar geleden en het tweede ongeveer 200 jaar later. Beide periodes hebben een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van karate.

Doordat de Rioekioe eilanden ook schatplichtig waren aan China, was er regelmatig contact tussen deze eilanden en Foetjien op het vasteland. Zo is het verklaarbaar en ook logisch, dat vormen van het Chinese Kenpo (methode met de vuist) op een natuurlijke wijze in de oorspronkelijke zelfverdedigingwijzen, die in de 'wapenloze' periodes waren ontstaan, werden geďntegreerd. De voorvormen van karate zijn to-de, dat een relatie had met de Chinese Kenpo-vormen, en Okinawa-te, die de oorspronkelijke verdedigingstechnieken van het eiland inhielden.

 

 

10

Taka Dojo


Iaido is de kunst van het Japanse zwaard, de katana, het legendarische wapen van de heldhaftige samurai. Voor Japanners is er geen eerbiedwaardiger wapen dat beter de bushido, de riddermoraal van de samurai, symboliseert. Geen ander wapen is nauwer met de geschiedenis, traditie en cultuur van het land verbonden.

Training in de weg van het zwaard kan in drie categorieen verdeeld worden. Een eerste vindt men in het moderne kendo, het Japanse schermen. De kendoka dragen beschermende kledij (bogu) en vechten met bamboe oefenzwaarden (shinai). Door kendo leert de zwaardvechter timing, afstand en andere faktoren van het gevecht met een echte tegenstander. Kendo is misschien wel de enige krijgskunst waar in competitievorm echte technieken met volle kracht en snelheid kunnen uitgevoerd worden zonder gevaar voor verwondingen.

Een aparte onderverdeling van iaido is iai giri, het oefenen van snijden met het zwaard. Hierbij worden als oefening bamboestokken, opgerolde rieten matten en dergelijke doelen in stukken gehakt. Dit soort training wordt vaak verkeerd tamashi giri genoemd. Tamashi giri is een officieel gebeuren waarin een bevoegde ambtenaar een zwaard aan bepaalde kwaliteitstesten onderwerpt, en daarvan een getuigschrift opstelt.

 

 

11

Tangun Martial Arts


SHAOLIN KEMPO, ook wel bekend als SHAOLIN SSU CH"UAN FA, SIU LUM QUANFA, SHORINJI KEMPO, lege vuistvechten, Chinees boksen of chinees tempelboksen, is een oude krijgskunst die beoefend werd in het Shaolinklooster in de provincie HONAN in China. Deze kunst werd door de monnik Boddhi Dharma ontwikkeld in de vijfde eeuw na Christus en werd in het begin alleen aan monniken onderwezen. Eerst betrof dit een geheel aan bewegingen die dienden om de lichamelijke gezondheid op peil te houden. Later werd dit een georganiseerd vechtsysteem ter verdediging van het klooster en de medemens. Ten gevolge van de vele oorlogen in China en de grote inzet van de monniken met uitzonderlijke successen, werden na verloop van tijd ook niet-kloosterlingen ingewijd in deze verdedigingskunst.

De stijl die wij beoefenen is afkomstig uit de Zuidelijke-, of Harde stijlrichting (de HUNG-stijl of voluit HUNG GAR MEN) en is gekend voor de effectiviteit, veelvuldigheid en hoge uitvoeringssnelheid van zijn veelzijdige handtechnieken (80%) en lage beentechnieken (20%). Typerend zijn de uitstaptechnieken en de overnames bij het reageren op een aanval. Als doelen bij de tegenaanval worden steeds vitale delen van de tegenstander geviseerd en/of drukpunten. Door de ronde bewegingen die gemaakt worden is deze kunst ook gekend voor zijn sierlijkheid (vooral tijdens stijlvormen of schaduwgevechten).

 

 

12

Verdedigingsschool JP


Tai-jutsu is het close combat van de feodale schaduwkrijgers, de ninja. In het Nederlands betekent het “techniek van het lichaam”. Het is dat deel van het ninjutsu dat zich richt op de ongewapende verdediging. Aangezien de ninja een zeer uitgebreide kennis bezaten, is hun verdedigingssysteem bijgevolg zeer multifunctioneel: het gehele lichaam werd gebruikt om mee of op in te werken door middel van lichaamswendingen en bloktechnieken, slagen en stoten, trappen, klemmen en verwurgingen, verdraaiingen van gewrichten, worpen, immobilisatietechnieken en grondwerk.

Het precieze ontstaan van het klassieke tai jutsu is wellicht niet meer te achterhalen; het is echter een feit dat de basis van Chinese oorsprong is. De Japanners hebben de ingevoerde kennis aangepast aan hun noden en het ninjutsu bleek een zeer efficiënte krijgskunst. De ninja werden daarom ook alom geroemd en gevreesd.

Tijdens de Meiji-periode (eind 19de eeuw) werden de krijgskunsten met slagveldtechnieken een beetje als “barbaars” bestempeld, vele ryū werden of opgedoekt, dan wel veranderd tot een systeem voor zelfontplooiing (kyūdō en kendō), of naar sport herleid (jūdō). Het tai-jutsu moet uiteraard ook tot karaktervorming en verantwoordelijkheidsgevoel bijdragen, de technieken blijven echter oorlogstechnieken. Gezien deze manier van benaderen is het niet mogelijk wedstrijden te organiseren, omdat het de bedoeling is de oefeningen zo reëel mogelijk uit te voeren (tijdens confrontaties met belagers zijn er immers ook geen regels).

 

 

13

ROBA - KOTODAMA RYU


Fysieke zelfverdediging betreft het toepassen van geweld om dreigingen van buitenaf te weren. Dit geweld kan op gewapende of ongewapende wijze worden toegepast. Bij gewapende zelfverdediging kan gebruik worden gemaakt van bijvoorbeeld gummiknuppels, ploertendoders of vuurwapens. In Nederland zijn deze wapens opgenomen in de Wet wapens en munitie, en verboden. Ongewapende zelfverdediging kan worden uitgeoefend door het toepassen van gevechts- of bevrijdingstechnieken uit verschillende vechtkunsten, vechtsporten of zelfverdedigingscursussen.

In België stellen er zich drie wetten:

  1. Er mag geen geweld worden gebruikt als dat kan vermeden worden, ontwijken, vluchten heeft de voorkeur.
  2. Het gebruik van geweld moet proportioneel zijn, men mag geen vuurwapen trekken voor een duw of een verbaal iets.
  3. Het geweld moet stoppen zodra het kan. Het bezit van vuurwapens is niet specifiek verboden, men moet wel over een vergunning beschikken.